Hoe werkte het ook alweer? Heel snel met je armen wapperen, hard rennen en bij 50kts rotatie? Wegens omstandigheden kon ik 2 maanden niet lessen. Dus een kort oefenlesje. Weer even met Q op stap. Paar circuitjes en boven de Flevopolder vliegen.

Het was weer heerlijk mijn auto bij de hangaar te parkeren. Het vertrouwde blauw. De gezelligheid. En Hugo die op de parkeerplaats als verwelkoming een heuse koprol maakte. Met de slappe lach tot gevolg.

Mijn takeoff, ondanks het even wat onwennig was, was met de crosswind zo slecht nog niet. De routine zat er toch verbazend nog in. En Q voelde vertrouwd. Ook mijn RT was niet lachwekkend. Dus met de typische vrouwelijke combinatie van onzekerheid en arrogantie (daar zijn wij immers goed in, onzeker zijn maar tegelijk toch enorm veel ego) bereidde ik de landing voor. Een touch & go. Ferry moest de stick tegenhouden want ik wou zoals in het begin weer veels te vroeg aflevelen. Denkend dat ik lager zat dan werkelijk. Terug bij af dus. Met wat gevloek een tweede circuit. Mijn aproaches zijn prima maar de laatste secondes bagger. Ferry moest ingrijpen want ik wou er een go around van maken omdat ik dacht te hard neer te komen. Zonde. Had een prima landing kunnen zijn geweest. Het was wat turbulent. Crosswind en af en toe een gust. Niet de meest ideale omstandigheden landingen te oefenen na zo lang niet gevlogen te hebben. Na de tweede touch & go even over de Flevopolder een stukje gevlogen. Geen spannende dingen gedaan. Ik wou gewoon even simpel vliegen. Bochten en hoogte houden ging super. Het was weer zoals op de fiets stappen na jaren. Gelukkig zat dat er allemaal nog in. Ook het circuit vliegen zelf. Dus ondanks ook de laatste twee landingen echt waardeloos waren, mag ik niet klagen.

Waar ik echt aan moet werken is die stall angst. Als een gust een vleugel tikt in een bocht, wil ik snel een flauwe bocht maken omdat ik in mijn hoofd heb dat we omklappen of gaan stallen. Ik weet dat dat onzin is maar mijn gevoel neemt te vaak de overhand. “Chicken with wings”, noem ik mijzelf. Maar ik ben mij ervan bewust en ga daar keihard aan werken. Ik ben niet bang in een vliegtuig, ik ben meer bang dat ik op het verkeerde moment iets verkeerds doe. En daardoor ben ik te voorzichtig. Overdreven voorzichtig. En dat beperkt mij nu. In de lucht lijkt het alsof je langzamer gaat dan in de auto op de grond. Dus een bocht met 65kts (120 km/h) voelt voor mij alsof we bijna stil vliegen. Met ervaring en een goed woordje met mijzelf zal ik dat getrut wel afleren. Volgende keer wat meer ‘spelen’ in de lucht en niet krampachtig perfecte lijnen vliegen.

Ondanks de wind en wat buitjes was het super weer om te vliegen. Prachtige wolken en ver zicht. Het verbaasde mij dat niet alle kisten geboekt waren.

Na een filmpje van Ferry gezien te hebben waar hij met een zweefvliegtuig loopings maakte (OMG… zal ik dat ooit durven? Nee… maar ik wil het toch stiekem wel een keer doen) Qtje weer droog in de hangaar gezet.

Wat heb ik het vliegen gemist. Ik mis het na een dag al. Maar na 2 maanden begon ik wel ontwenningsverschijnselen te krijgen. Die zijn voor nu weer tot woensdag gestild, tot ik weer mijn volgende vliegles heb. Vliegen is het mooiste wat er is. Maar helaas gebeuren er soms ook ongelukken. Onlangs hebben wij het enorm verdrietige nieuws te horen gekregen dat onze oude voorzitter Ko Stuik samen met zijn vriendin in Frankrijk met een Zenair CH 601 HD Zodiac is verongelukt. Ze hebben het beiden niet overleefd. Ko was een zeer goede en ervaren vlieger. Een ongeluk zit in een klein hoekje. Je moet constant bewust zijn van alle scenario’s, risico’s en de omstandigheden waarin je vliegt. Altijd klaar zijn voor een voorzorgs- of noodlanding. En ondanks alle ervaring en alle voorzorgsmaatregelen, kun je flinke pech hebben. Maar dat geldt net zo met autorijden.

Vliegen is de mooiste uitvinding van ons bestaan en in ere van alle piloten die tijdens hun leukste hobby ons aarde hebben verlaten, zullen wij van elke vlucht genieten en de herinneringen aan hun op onze vleugels dragen.