SAFETY MAILING 2017-12


De nieuwe Regeling Veilig Gebruik Luchthavens en andere Terreinen (RVGLT) is in oktober van toepassing geworden. Deze regeling regelt o.a. de Nood- en Voorzorgslandingen.

Voor het uitvliegen na een Nood of Voorzorgslanding is nu geen TUG (Tijdelijke en Uitzonderlijke Gebruiksvergunning) meer noodzakelijk. Nu kan er worden uitgevlogen binnen de regels van de RVGLT.

Deze regels omvatten o.m. de volgende bepalingen:
Allereerst is geregeld dat de gezagvoerder aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat in ons geval ILT onder telefoonnummer 088 489 00 00 moet melden dat er een nood- of voorzorgslanding met een luchtvaartuig op een terrein is gemaakt. Dit stelt de autoriteiten in staat om eventueel noodzakelijke maatregelen te nemen en hun verantwoordelijkheid voor het toezicht op de luchtvaart in te vullen.

Daarnaast is in de regeling opgenomen dat er van een terrein kan worden opgestegen als hiervoor door de Minister toestemming is verleend. Het uitgangspunt is en blijft dat de verantwoordelijkheid voor een veilige vlucht bij de gezagvoerder berust. Per geval kunnen de omstandigheden voorts erg verschillend zijn. Om deze redenen is ervoor gekozen om geen gedetailleerde voorschriften op te nemen voor het geval dat er een nood- of voorzorgslanding is gemaakt. In de regeling wordt wel geregeld dat de Minister, en feitelijk de Inspectie Leefomgeving en Transport in staat wordt gesteld om enkele randvoorwaarden te controleren. Zoals gesteld wordt dit per geval ingevuld. In de praktijk zal bijvoorbeeld worden bezien of het luchtvaartuig technisch in orde is en of de vlieger in staat is deze startprocedure uit te voeren.
Daarbij zal worden bezien of het uitvliegterrein en de omgeving geschikt zijn om de start veilig te kunnen uitvoeren.

Verder kan gedacht worden aan de volgende punten om rekening mee te houden bij het al dan niet verlenen van toestemming om weer op te stijgen:
− of het een binnenlandse vlucht betreft;
− of er een beperkte hoeveelheid brandstof aan boord is;
− of de weersomstandigheden de vlucht toelaten;
− of er passagiers aan boord zijn;
− of er veiligheidsmaatregelen nodig zijn om het terrein af te zetten om voorbijgangers en andere mensen op een veilige afstand te houden;
− of er toestemming nodig is van een grondeigenaar of de LVNL / Dutch Mil.

De volledige tekst is te vinden op: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2017-57381.html

Naast de bepalingen in de RVGLT is het van het grootste belang om na een nood- of voorzorgslanding je eerst te bekommeren om de veiligheid van je eventuele passagiers en jezelf, en daarna gelijk contact op te nemen met de KLMAC (bestuur en/of HT in geval van ATO).